13. Gitaarmodellen

Publicatie: 01/01/2023

Een kleine voorgeschiedenis. We kennen allemaal de klassieke Spaanse gitaar. Een latere variante is het zogenaamde gypsy model waarmee Django Reinhardt beroemd werd. Beiden hebben een klankkast maar zijn niet versterkt, en bijgevolg beperkt in volume.

Reeds in 1936 had de firma Gibson zijn eerste, versterkte elektrische gitaar ES-150 “Charlie Christian” uitgebracht met zogenaamde pickups, elementen die toelaten om het gitaargeluid te koppelen aan een versterker. Dit was op zich zeer revolutionair, maar bleek zeer onderhevig te zijn aan “feedback”, berucht als het zeer onaangename piepen en/of fluiten.

In 1951 had Leo Fender het prototype uitgebracht van een solid-body gitaar, het gekende Telecaster model, waarbij de klankkast werd vervangen door een massiefhouten plank. In 1952 bracht Gibson, in samenwerking met de fabuleuze gitarist Les Paul (onthou die naam !), zijn eerste massieve Les Paul model in productie. Het idee hierachter was dat de gitaren een veel langere klankduur (sustain) moesten hebben.

Sindsdien heeft de muziekwereld een compleet nieuwe dimensie bijgekregen, die amper 15 jaar later “ontaardde” in genres als o.a. hard-rock, mede mogelijk gemaakt door de massale opkomst van grote en zware versterkers en klankkasten. De rest is geschiedenis.

Inzake gitaarmodellen heb je ontzettend veel verschillen, maar in grote lijnen zijn ze toch terug te brengen tot deze 5 categorieën:
– klassiek (Spaans model)
– akoestisch model (typisch voor o.a. folk singers)
– solid-body (Fender en Gibson modellen)
– full-hollow-body (akoestisch jazz model)
– semi-hollow-body (semi-akoestisch blues model)

Dit laatste model werd door Gibson in 1958 op de markt gebracht als de ES-335. Het idee hierachter was om de warme, volle klank van de full-hollow-body (jazz model) enigzins te behouden, maar de beruchte “feedback” te beperken. Door simpelweg de dikte van de open klankkast te halveren bekwam men een soort van bluesy sound, die zeer herkenbaar is bij gitaristen als B.B. King en Larry Carlton (Steely Dan).

Op zowat alle besproken modellen worden stalen snaren gebruikt, behalve op het klassieke Spaanse model (denk aan de flamenco gitaristen) waarop nylon snaren bespeeld worden.

Door de jaren heen zijn ook modellen uitgebracht die zowel de klassieke en akoestische gitaren hebben trachten te vervangen (vooral omwille van de versterking) maar deze blijken met moeite de kwaliteit van de originele klanken te benaderen.

Je mag niet uit het oog verliezen dat de gitaar als instrument op zich heel nadrukkelijk opvalt (vermits de artiest er op speelt) en dat de meeste gitaren in de allereerste plaats gekocht worden op basis van de “look”, met vooral de kleur en het ontwerp als voornaamste ingrediënten. En dat kan gaan van zeer sober tot spectulair en extravagant.