03. Ideeen
Publicatie: 23/02/2026
Oh, wat heb ik een lol om dit soort artikels te schrijven. Hou me tegen want het floept er langs alle kanten uit.
Een idee is een prille, mentale vonk, die meestal komt aan fladderen als je open-minded bent. Zowat de ganse dag vliegen er bij mij ontelbare ideeën in het rond.
En ik zit er geen barst mee in dat het overgrote deel in de prullenmand belandt. Ik vind het prima om tien slechte ideeën te hebben, als dat me helpt om tot het elfde, nuttige idee te komen.
Een suggestie: in plaats van in een kramp te schieten om een idee af te kraken, laat het eens eerst wat rijpen. Opmerkingen zoals ‘dat trekt op niks’ kunnen mij bijzonder weinig bekoren en kom me ook niet vertellen wat ik MOET doen. Geef me liever suggesties en alternatieven. ‘Ik heb een beter idee’ klinkt mij als muziek in de oren.
Ideeën liggen aan de basis van fantasieën en visies. De luchtschroef die Leonardo da Vinci omstreeks 1490 als ontwerp uittekende, vertoont opvallend veel gelijkenis met de helikopter die zo’n 350 jaar later werd ontwikkeld. En ‘Eureka’ riep iemand die in zijn bad zat.
Ook abstract denken kan nooit starten zonder een idee. Hoe is men anders aan wiskunde en wetenschappen kunnen beginnen. En wat zou humor betekenen zonder (afwijkende) ideeën.
Ik heb liever een luxeprobleem met te veel ideeën dan dat ik moet wachten op Godot. Als je veel moeite hebt genomen om te zoeken, inclusief het onvermijdelijk vallen en opstaan, geeft het een enorme voldoening als je tot een degelijk eindresultaat kan komen.
En in plaats van ideeën in de vuilbak te kieperen, zou je die eigenlijk in een grote ideeënton moeten bewaren (noteren, dus !). Je weet nooit of het eens van pas kan komen à la ‘hoe was dat ook al weer ?’
Oh, al die flitsende ideeën door mijn hoofd, ik kan ze zelf nauwelijks volgen. Maar vraag me niet welk idee ik 10 seconden geleden had eens mijn mallemolen op volle toeren draait. ‘Doe me er aan denken …’ No way, José ! Noteren of dicteren, verdorie. Je hersenen horen niet als harde schijf te dienen, ze zijn bedoeld om ideeën uit te werken.
Langs de andere kant kan het enorm frustrerend zijn, mocht je geen uitweg of oplossing vinden. Niet alleen is het dikwijls vechten tegen jezelf, maar zeker een hoofdschuddende, ‘vijandige’ buitenwereld helpt totaal niet.
Ik heb het tot scha en schande moeten afleren om mijn ideeën met zomaar iedereen te delen. Het risico is bijzonder groot dat je tegen een muur van negativisme blijft op botsen.
Nu maak ik er korte metten mee. ‘Niet geïnteresseerd ? Alleen meteen afbreken ?’ ‘Ik zal je niet meer storen, want ik zou het niet op mijn geweten willen hebben om jouw kostbare tijd te verkwanselen. Maar laten we dan wel afspreken dat je mij ook niet meer lastig valt.’
Als er niemand opstaat om bergen te beklimmen en te blijven volharden, zou er ook nooit iets uitgevonden zijn. Een luie of negatieve geest zal nooit met iets nieuws op de proppen komen.
Uitvindingen zijn meestal gebaseerd op mislukkingen maar een enkeling laat zijn ideeëntrommel draaien. Verder kijken dat je neus lang is, volharden in experimenteren en hola, wat schuilt daar in het struikgewas ?
Ik maak ook dolgraag vergelijkingen, maar vaak krijg ik te horen: ‘Dat is niet hetzelfde.’ So what ? Twee dingen zijn nooit hetzelfde.
Maar als we ons nu eens zouden richten op parallellen en overeenkomsten, dan zouden we wel eens verrast kunnen worden.
We weten allemaal wat het betekent: ‘appelen met peren vergelijken’. En toch ben ik er op uitgekomen dat er minstens 8 (acht !) vergelijkingspunten zijn. Maak zelf maar eens de denkoefening.
En brainstormen, ach, wat doen we dat veel te weinig. Volkomen ongegeneerd alles er uit floepen, het stomste eerst. Maar het allerstomste wat je kunt doen is iets weglaten. Het leert je ook spelen met andermans ideeën, waardoor het je blik verruimt. Als je fris van geest bent, houdt het je ook alert.
Als ik de ‘toerist’ uithang heb ik dikwijls het idee om eens de andere kant te verkennen, in plaats van achter de kudde aan te lopen. Ik heb ooit met een collega een walking quiz in Antwerpen georganiseerd en we zijn geheel onbevangen elk steegje binnengewandeld. Niet altijd een succes, maar man, man, wat hebben we onze stad leren kennen. Pareltjes dat we tegengekomen zijn.
Hoe dikwijls mijn vrouw en ik niet tegen mekaar zeggen: ‘Voor zoiets zouden we naar het buitenland reizen’.
Enfin, ideeën zijn gewoon ideaal. Punt.